Thema energietransitie op najaarscongres VVG

Datum

11 / 2017

Contactpersonen

Maurits Materman
Maurits Materman
06 46 13 42 92 | mail
Ferdinand Michiels
Ferdinand Michiels
06 58 96 06 09 | mail

Tags

financiële sturing

Het thema energietransitie krijgt binnen het ruimtelijk domein steeds meer aandacht, zo ook bij gemeentelijke grondbedrijven. Afgelopen woensdag was het jaarlijkse najaarscongres van de Vereniging van Grondbedrijven waar dit thema centraal stond. Waar in de afgelopen jaren veel aandacht werd besteed aan thema’s als afwaardering grondposities, BBV, VPB, instrumentarium grondbeleid en nieuwe samenwerkingsvormen, wordt nu vooral naar de toekomst gekeken. Zo wordt de energietransitie gezien als een maatschappelijke opgave.

Ruimtelijke opgave
Het is inmiddels duidelijk dat de energietransitie in feite een ruimtelijke opgave is. Dit blijkt weer uit de visualisaties tijdens de presentatie van Sjors de Vries, directeur van RUIMTEVOLK. Het huidige landschap verandert in een energielandschap met duurzame woningen, windparken en zonnevelden. De benodigde ruimte is aanzienlijk. De ruimtelijke transitie is eigenlijk niet nieuw als je kijkt naar de veranderingen in het landschap in de afgelopen eeuwen. Het eindbeeld van het energielandschap is duidelijk, maar als betrokkenen te lang wachten met handelen dan worden de mogelijkheden steeds beperkter. De ruimteclaims voor volkshuisvesting, bedrijvigheid en natuur zijn namelijk ook wenselijk. Kortom, een duidelijke boodschap.

Energieopgave niet scherp in beeld
De daarop volgende presentaties in het ochtendprogramma gingen minder in op de energietransitie. De traditionele thema’s als wetgeving, instrumentarium grondbeleid en aanbestedingsregels stonden weer centraal. In de middag kwamen we gelukkig toch dichter bij het centrale thema: circulair ontwikkelen van bedrijventerreinen,  klimaatadaptatie (concept “Rainproof” tegen hoosbuien), burgerparticipatie en de rol van netwerkbeheerders. Tijdens het congres merkten we dat ambtenaren binnen grondbedrijven niet altijd scherp hebben wat de energieopgave binnen de eigen gemeente is en welke acties binnen de gemeente worden genomen om de energietransitie te realiseren. Er wordt vooral verwezen naar afdeling Duurzaamheid of Milieu. Het blijkt weer eens dat duurzaamheid en gebiedsontwikkeling binnen gemeenten nog steeds gescheiden disciplines zijn. Dit komen wij vaker tegen in de praktijk (én geldt overigens ook voor andere afdelingen). Samenwerking binnen gemeentelijke organisaties blijft dan ook een aandachtspunt.

Energietransitie en grondbeleid
Het is niet verwonderlijk dat tijdens het congres geen concrete handvatten worden aangereikt om de koppeling te maken tussen energietransitie en grondbeleid. Grondbedrijven richten zich normaliter op de grondproductie en -uitgifte ten behoeve van vastgoedontwikkeling. Grondproductie bij een zonnepark of windpark is echter van een andere orde. De realisatie van een zonnepark wordt daarnaast ook regelmatig gezien als een tijdelijke maatregel voor gemeentelijke gronden die voorlopig niet worden ontwikkeld (voor woningbouw of bedrijventerreinen). Kortom, duurzame energieprojecten zijn onbekend terrein voor grondbedrijven. Niet alleen op (technische) inhoud, maar ook wat betreft de waardering van de gronden. Kun je residueel rekenen aan zonneparken? Ja hoor, geen probleem. Je moet dan wel de businesscase van een zonnepark kennen. Daarnaast zijn wij ervan overtuigd dat de grondbedrijven bij uitstek geschikt zijn om de rol van ondernemer en verbinder op zich te nemen om duurzaamheidsambities van de gemeente te realiseren. Was het grondbedrijf tot een aantal jaren geleden niet het bolwerk van daadkracht? ‘The place tot be’ om zaken gedaan te krijgen. Dit is geen pleidooi om (weer) onbezonnen risico’s te gaan nemen, macho gedrag te etaleren en koninkrijkjes te gaan stichten, maar wel een appèl op het ondernemerschap en daadkracht binnen grondbedrijven.

Als we naar de toekomst kijken dan kunnen grondbedrijven zeker bijdragen aan de versnelling van de energietransitie. Dit moet uiteraard verder gaan dan het toevoegen van een paragraaf ‘duurzaamheid’ in de Nota Grondbeleid. We zien een belangrijke rol voor grondbedrijven bij o.a. gebiedsvisies in samenwerking met private gebiedsontwikkelaars. Op dit schaalniveau zal de energietransitie moeten worden geïntegreerd. Naast duurzaamheid op objectniveau (EPC nul of Nul op de Meter) moet bijvoorbeeld ook rekening worden gehouden met duurzame mobiliteit (faciliteren van elektrisch vervoer, deeleconomie, autonoom vervoer, aansluiting OV, fietsen, optimalisatie openbare ruimte etc.), de circulaire leefomgeving en klimaatadaptatie zodat het betreffende gebied voldoende toekomstbestendig is. De kwaliteit van de gebiedsvisie bepaalt de aantrekkelijkheid en daarmee de afzetbaarheid van het gebied. Hier zit een belangrijke relatie met het niveau van de grondopbrengsten en daarom relevant voor de gemeentelijke grondexploitatie.

Naast gebiedsontwikkeling kunnen grondbedrijven ook zaken overwegen zoals specifiek grondprijsbeleid voor zonne- en windparken, mogelijkheden voor sturing vanuit gemeentelijk grondeigendom (erfpacht) op aanleg PV-panelen op bestaande (bedrijfs-)daken, aanscherping prestatieafspraken met woningcorporaties, specifieke doelgroepen gronduitgifte bedrijventerreinen, sturing bij aanbesteding op duurzame uitvoering bouw- en woonrijp maken en aardgasvrije nieuwbouw.

Slot
Het is evident dat de energietransitie tot 2050 één van de belangrijkste opgave is binnen het ruimtelijk domein. Het is dan ook nu het moment dat grondbedrijven zich goed positioneren en actief bijdragen aan de koppeling tussen energietransitie en gebiedsontwikkeling. Het is een complexe opgave, maar het zou helpen als binnen de gemeentelijke organisatie meer samenwerking plaats vindt tussen afdelingen.

Simple Share Buttons