Iedereen zijn eigen strandje

Datum

09 / 2017

Contactpersoon

Co Verdaas
Co Verdaas
06 43 26 40 85 | mail

Tags

 

Ik tik deze column op het strand. Neen, ik ben niet op vakantie, ik zit op het strandje bij ons huis aan de Waal. Sinds een paar weken woon ik in een oude steenfabriek, een Rijksmonument, buitendijks gelegen, net ten westen van Nijmegen. Het station is op 20 minuten fietsen, het hippe Honig-complex op ruim 10 minuten. Met de mede-bewoners gaan we binnenkort overleggen wat we met dit stukje strand en uiterwaard gaan doen: niets, een moestuin, een siertuin, opslag voor spullen, een combi, we gaan het zien.

Sinds een paar weken ervaar ik letterlijk hoezeer de kwaliteit van de ruimte en de kwaliteit van het leven met elkaar samen hangen. Ik lees ’s avonds weer boeken en dat komt door deze nieuwe plek.

Ik ben niet van de deterministische school die zegt dat de omgeving ‘het doen en laten van de mens’ bepaalt. Dat de kwaliteit van de omgeving echter van invloed is op ons ‘zijn’ staat voor mij buiten kijf.

In ons vakgebied hebben we de ruimte heel lang vooral functionalistisch benaderd. Dat kan ook bijna niet anders: we zijn een relatief dichtbevolkt land met een hoogwaardige economie en dus ook met vele claims op de schaarse ruimte. Dat vergt planning. We kunnen het ons eenvoudigweg niet veroorloven om slordig met de ruimte om te springen.

Dat heeft veel kwaliteit van leven opgeleverd: onze steden kennen geen banlieues zoals in Frankrijk of achterstandswijken in Liverpool die me eerder aan de derde wereld deden denken dan aan West-Europa. Onze steden hebben, ook al is er reden tot zorg, nog steeds aantrekkelijke centra waar het doorgaans goed toeven is. Ook al wonen we voor tweederde onder de zeespiegel en komt er steeds meer water over de rivieren ons land binnen: het is veilig. Me dunkt dat dit kwaliteit van leven is.

En toch jeukt het af en toe. Waarom laten we niet bij elke uitbreiding, herstructurering of transformatie een stukje ongepland? Een stukje waar bewoners of gebruikers op een later moment zelf mogen bepalen wat de kwaliteit van leven in de buurt verhoogt. De noden en behoeften van het leven laten zich immers niet vangen in een functionalistische benadering. Ik denk dat iets meer ruimte mag komen voor spontane ontwikkelingen, voor ongeplande ruimte.

Ik pleit geenszins voor het overboord zetten van onze functionalistische benadering. Ruimtelijke ordening kan niet zonder en is per definitie meer dan de optelsom van individuele wensen. Vanuit mijn buitenlandse ervaring weet ik dat een groot deel van de wereld ook met respect en bewondering naar Nederland kijkt. Het is niet iedereen gegeven op korte afstand van de stad in een steenfabriek te wonen met een stukje ongeplande ruimte. Maar het moet toch mogelijk zijn om iedereen in overdrachtelijke zin zijn eigen stukje onontgonnen uiterwaard en strand te gunnen? Een stukje ongeplande ruimte waarvan de belofte nog moet worden ingelost. Het verhoogt de kwaliteit van mijn leven en ik denk ook dat van anderen. Mijn credo: iedereen zijn eigen strandje!

Simple Share Buttons